de Volkskrant en Villa VPRO over Smart Cities en Social Cities

Eind december maakte ik samen met Maartje Duin een tweeluik over de rol van digitale media in de stad. We verkenden twee scenario’s: dat van de Social City en de Smart City. Daarvoor reisden we af naar Helsinki in Finland en New Songdo in Zuid-Korea.

“Smart City” New Songdo in Zuid-Korea.

In (onze definitie van) de smart city worden nieuwe technologieën vooral ingezet om de stad efficiënter, veiliger en aangenamer te maken. Vertrekpunt is het idee van de stad als een grote kluwen infrastructuur die we zo optimaal mogelijk moeten beheren.

Bij de Social City is het uitgangspunt juist dat de stad in de eerste plaats een gemeenschap is van mensen die ondanks al hun verschillen met elkaar moeten zien samen te leven. Kunnen digitale media een rol spelen om de onderlinge relaties tussen stedelingen te verbeteren? Niet per se om van de stad een hechte, eenduidige gemeenschap te maken. Maar eerder om een goede balans te vinden tussen wederzijdse betrokkenheid enerzijds en de vrijheid het leven naar eigen inzicht in te richten.

In werkelijkheid zullen beide scenario’s natuurlijk door elkaar heen gaan lopen. Tenminste, dat lijkt mij wenselijk. Het lijkt mij heel prettig als we technologie kunnen gebruiken om steden duurzamer te maken of (openbaar) vervoer efficiënter kunnen organiseren. Maar het lijkt mij een beperkte visie om het leven in de stad te reduceren tot infrastructuurmanagement.

Het lijkt erop dat Nederlandse steden ook al voor zo’n gecombineerde aanpak kiezen. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar de initiatieven die Amsterdam onderneemt in het kader van haar smart cities strategie.

De uiteindelijke verhouding van wat wij smart city en social city-technologieën noemen is uiteindelijk ook een politieke keuze. Waarin investeren we, als stad, als samenleving, in samenwerking met bedrijfsleven en onderzoeksinstituten? Hoe worden deze technologieën gereguleerd? Welke rol krijgen stedelingen zelf? Zijn zij vooral consumenten die slimme diensten af kunnen nemen? Of kunnen zij als burger ook zelf aan de slag, bijvoorbeeld doordat alle data die in de stad gegenereerd worden open worden gesteld?

Leven we straks in het scenario van wat Dan Hill de closed down street noemt? Of eerder in een open source street? Versterken digitale media een breder scenario van privatisering en commercialisering? Of stellen ze ons als burgers in staat om het leven in de stad actief vorm te geven? En stellen ze ons zo in staat om ook het publieke domein op nieuwe manieren te organiseren en beheren?

Het tweeluik in de krant, de radio-uitzending en de vragen die zij opwerpen over de toekomst van de stad zijn een voorproefje van mijn boek De stad als Interface. Hoe digitale media de stad veranderen. Het boek verschijnt in het voorjaar van 2013 bij NAi010 uitgevers.

Voor meer over het boek, zie: www.destadalsinterface.nl Je kunt daar je ook inschrijven zodat je een bericht ontvangt als het boek en de bijbehorende website met achtergrondinformatie worden gelanceerd.

Met The Mobile City (mede-opgericht met Michiel de Lange) houden we ons al sinds eind 2007 met deze thematiek bezig. Onder meer via de conferentie Social Cities of Tomorrow die we begin 2012 organiseerden samen met Arcam en Virtueel Platform.

Het artikel van Maartje Duin over social cities is hier te vinden.


Hier volgt mijn artikel over Smart Cities:

Een soort Almere is het, maar dan op zijn Aziatisch: Songdo, een groeikern met stedelijke ambities in de polder, bedoeld om de almaar uitdijende bevolking van de metropolitane regio Seoul – inmiddels ruim 23 miljoen inwoners – op te vangen. Maar dan niet met rijtjeshuizen in meanderende straten, maar met veertig- vijftig verdiepingen hoge woontorens met luxe appartementen, dicht op elkaar gebouwd en helemaal volgehangen met sensors, camera’s en supersnelle netwerkverbindingen. Wereldwijd wordt Songdo wel gezien als dé modelstad voor de toekomst. Maar de hoogtechnologische stad die nu verrijst op een opgespoten zandbank in Gele Zee, vlak voor de Zuid-Koreaanse kust is tegelijkertijd ook hoogst controversieel.

Het masterplan voor deze nieuwe stad is ambitieus. Hier moet het beste uit alle werelden gecombineerd worden. Er is een kanaal zoals in Venetië en een park dat is gemodelleerd op New York’s Central Park. De golfbaan is ontworpen door topgolfer Jack Nicklaus en de exclusieve privéschool baseert zijn curriculum op dat van Chadwick School, een van de beroemdste scholen in Los Angeles – geliefd bij de sterren uit Hollywood.

Maar bovenal wordt Songdo aangeprezen als een smart city: de laatste technologieën zijn er nauw verweven in het alledaagse leven, vaak zelfs zonder dat je het merkt. Een centraal computersysteem verzamelt allerlei data uit de stad, van de energie die gebouwen verbruiken tot de bezetting van parkeerplekken. Van de drukte op de wegen tot de actuele locatie van alle bussen en metro’s . Zelfs wie er wanneer hoeveel afval weggooit, kan worden gemeten – om toegang te krijgen tot de afvalcontainers moet je je identificeren met een chipkaart. Wanneer je al die data combineert en analyseert, zo is de hoop van de smart city, kan het leven in de stad worden geoptimaliseerd. Gebouwen kunnen zuiniger worden, en het leven moet er efficiënter, prettiger en veiliger worden.

Veel merk je daar nog niet van als je in Songdo rondloopt. Brede boulevards worden geflankeerd door hoge wolkenkrabbers. Op straatniveau zie je kleine winkeltjes, liefst met Engelse of Franse namen: bakkerij Tous les Jours (een ‘authentic French Bakery’), de Zoo Coffee Shop, een afhaalpizzeria, een supermarktje en natuurlijk een Koreaans barbecue-restaurant. Het is prettig om door Songdo heen te wandelen. De stad is ontworpen voor de voetganger, en tussen alle torens in zijn veel kleine parkjes met speeltoestellen voor de kinderen.

De smart city schemert heel af en toe door het straatbeeld heen. Bijvoorbeeld doordat naast alle speelplaatsjes beveiligingscamera’s staan. De beelden worden door een centraal systeem verzameld en kunnen niet alleen door de gemeente worden gebruikt om de veiligheid op straat te verhogen, vertelt Munish Khetrapal, die namens het Amerikaanse netwerkbedrijf Cisco betrokken is bij het ontwerp van nieuwe diensten in Songdo. Ouders kunnen straks – tegen betaling – toegang tot de camera’s krijgen zodat ze vanuit hun appartement op de twintigste of dertigste verdieping toezicht kunnen houden op de spelende kinderen.

Cisco wil binnenkort ook een andere dienst lanceren: een armbandje voor kinderen met een chip erin. Sensors in de stad kunnen dan registreren waar het kind is. En mocht het verdwalen, bijvoorbeeld als het per ongeluk van schoolplein afloopt, dan krijgen de ouders een smsje. Veiligheid is een belangrijk thema in de smart city, vertelt Khetrapal.

Duurzaamheid is een ander speerpunt. Door het energiegebruik nauwkeurig te monitoren, moet er flink bespaard kunnen worden. In de smart city moet de weg of de stoep ‘weten’ of er iemand langskomt en de sterkte van de straatverlichting aanpassen. En kantoorgebouwen moeten zelf alle computers en lichten uitschakelen wanneer de laatste werknemer het pand heeft verlaten. Geen gek idee, als je weet dat 70 procent van al het energiegebruik in grote steden afkomstig is van gebouwen.

De data die de sensors van de smart city genereren wil Cisco ook beschikbaar stellen aan andere bedrijven. Dan kunnen die ook weer nieuwe diensten ontwikkelen. Bijvoorbeeld een app die parkeerplaatsen laat communiceren met het navigatiesysteem in de auto. De Tomtom loodst je dan zo naar een vrije plek.

Songdo geldt zo als modelstad, een proeftuin waarin dit soort technologieën ontwikkeld en uitgeprobeerd kunnen worden. En als ze aanslaan, zo is het doel, kunnen ze wereldwijd worden geëxporteerd, met of zonder bijbehorend masterplan. China heeft inmiddels al interesse getoond om twee Songdo’s te bestellen, inclusief school en Central Park.

Niet iedereen deelt het enthousiasme voor de smart city. Velen zien in Songdo juist een voorbeeld van hoe het niet moet. De socioloog Richard Sennett voegde zich pas nog in dat koor van critici. De nadruk op efficiëntie gaat ten koste van de leefbaarheid, stelt hij in een opiniestuk in de Engelse krant The Guardian met de veelzeggende titel ‘No one likes a city that’s too smart.’ Natuurlijk is het prettig als alles in een stad goed geregeld is, schrijft Sennett. Maar de manier waarop dat in Songdo gebeurt is te bedacht, te veel van bovenaf opgelegd. Burgers hebben er zelf weinig in te brengen in de manier waarop het leven er is georganiseerd.

‘De inwoners van Songdo worden vooral als consument gezien aan wie allerlei diensten verkocht kunnen worden’, zegt de Amerikaanse auteur Greg Lindsay, ‘en pas in tweede instantie als burger.’ In zijn boek Aerotropolis besteedt hij uitgebreid aandacht aan Songdo. Het is merkwaardig, vertelt hij tijdens een Skype-interview, dat technologiebedrijven de stad van de toekomst mede vormgeven. ‘Zij begeven zich op het terrein van de architectuur en de planologie, maar dat zijn disciplines waar ze maar heel weinig van afweten.’ Daarbij is het opvallend hoe groot het vertrouwen is dat de technologie de problemen van de stad op zou kunnen lossen. ‘Ooit dachten planologen dat de samenleving maakbaar was’, zegt Lindsay. Ze dachten dat je allerlei sociale processen kon vatten in complexe berekeningen en dat je die dan om kon zetten in een groot masterplan. Met de Franse banlieues of de Nederlandse Bijlmer als resultaat. ‘We weten hoe dat is afgelopen.’ Net nu we die gedachte achter ons hebben gelaten, melden de technologiebedrijven zich met hun algoritmes die het leven slimmer, handiger en efficiënter moeten maken.

De Nederlander Wim Elfrink, topman bij Cisco, kan zich bij een deel van de kritiek wel iets voorstellen. Maar, stelt hij, de smart city is ook helemaal niet bedoeld als vervanging van de stad zoals we die kennen. Wat Cisco voor ogen staat is een aantal extra diensten erbij te ontwikkelen, die het leven aangenamer moeten maken. En dat is belangrijk, denkt hij. ‘Je ziet dat steden wereldwijd steeds meer met elkaar gaan concurreren, bijvoorbeeld om hoogopgeleid personeel aan te trekken.’ De stad met de meest aantrekkelijke omgeving zal die slag gaan winnen.

In Songdo begint die visie langzaam gestalte te krijgen. De bomen in het Central Park hebben net voor de tweede of derde keer hun bladeren verloren. Lichtjes achter de ramen van de hoge wolkenkrabbers laten zien dat de eerste bewoners hun intrek hebben genomen. Kleine winkeltjes zijn geopend langs het Venetiaanse kanaal. De stad is ook geliefd bij Koreaanse popsterren. Het modernistische decor van Songdo figureert regelmatig in hun videoclips. De clip voor de werelwijde Youtubehit Gangnam Style is grotendeels opgenomen in Songdo.

Maar het bruisende straatleven van de uitgangswijk Gangnam in Seoul tref je niet aan in Songdo. Ondanks alle kosmopolitische verwijzingen en hoogstedelijke architectuur voelt de stad eerder suburbaan aan. ‘We vergelijken onszelf graag met New York’, zegt Jonathan Thorpe van projectontwikkelaar Gale International. ‘Maar misschien lijkt het hier wel meer op Orange County’ – de eindeloze aaneenschakeling van voorsteden ten zuiden van Los Angeles. Begrijp hem niet verkeerd, dat is niet per se een negatieve kwalificatie. Een aangeharkte masterplanned community heeft zo zijn eigen zegeningen, ook al is het soms wat saai. Thorpe komt zelf uit Orange County, en sinds zijn werkgever hem op dit project heeft gezet, verdeelt hij zijn tijd tussen de Amerikaanse Westkust en Korea.

Enthousiast geeft hij samen met zijn collega Scott Summers een rondleiding door een showcase appartement op de tweeënzestigste verdieping van het complex First World Towers. Normaal gesproken heb je hier een prachtig uitzicht over het hele gebied, verontschuldigt hij zich. Vandaag drijft de westenwind een stormfront uit Japan over Songdo en blijven het Central Park en het Venetiaanse kanaal gehuld in de mist.

Thorpe hoopt dat de Telepresence – een vinding van Cisco waarmee ieder appartement wordt uitgerust – het suburbane karakter van Songdo zal gaan compenseren. Het is een groot televisiescherm met een ingebouwde camera, aangesloten op een supersnelle internetverbinding zodat je videobeelden in hoge kwaliteit kunt bekijken en versturen. Via dat scherm kunnen de inwoners straks allerlei diensten gaan bestellen. Kooklessen bij een beroemde Franse chef. Of bijles Engels en wiskunde voor de kinderen – een markt met veel potentieel in Korea, middenklassengezinnen geven hier ruim een derde van hun inkomen uit aan onderwijs voor hun kinderen. Of je kunt straks via het scherm een consult afnemen bij een dokter – eveneens een groeimarkt, met het oog op de vergrijzing. Bewoners mogen ook zelf nieuwe diensten ontwikkelen, zegt Thorpe. Misschien gaan mensen wel concerten geven of poëzie avonden organiseren via het systeem, hoopt hij. Zo moet de stad tot leven komen, vanuit het comfort van de eigen huiskamer.

De Telepresence heeft wel iets weg van de app-store die Apple ontwikkelde voor de mobiele telefoon – een omgeving op het scherm waar consumenten allerlei diensten aan kunnen schaffen. Net als bij Apple zal het geen open systeem zijn. Weliswaar mogen allerlei partijen nieuwe diensten ontwikkelen, maar uiteindelijk beslist het technologiebedrijf of die worden toegelaten.

En zo begint de smart city in dit scenario ook wel wat op een hedendaagse shopping mall te lijken. Het is er prettig en aangenaam, en zolang je portemonnee gevuld is, word je er als consument op je wenken bediend. De bedrijvigheid zorgt voor economische groei en nieuwe banen. Maar het is er ook wat saai, en het management bepaalt uiteindelijk wat er wel en niet is toegestaan.

Summers en Thorpe zien vooral de voordelen. Al die nieuwe diensten verhogen de waarde van het huis. ‘That’s the beauty of it’, concludeert Scott Summers. ‘We verkopen nu niet alleen een huis, maar een hele levensstijl – een die draait om de smart city.’

Kader 1: Aerotropolis
Een van de grote voordelen van Songdo, zo melden de marketingfolders, is de centrale ligging. Daarmee wordt niet bedoeld dat je snel in het centrum van Seoul bent. Dankzij een gloednieuwe, twintig kilometer lange brug ligt het vliegveld om de hoek. En van daar ben je zo in Shanghai, Tokyo, Vladivostok, Osaka of Beijing. Een derde van de wereldbevolking op minder dan drie uur vliegen, ideaal voor managers van grote multinationals. Songdo is zo een voorbeeld van een Aerotropolis, een van een groeiend aantal steden wereldwijd die meer gericht zijn op het nabijgelegen vliegveld dan op het lokale achterland.

De artikelen over de smart city en de social city zijn tot stand gekomen dankzij een bijdrage van het fonds bijzondere journalistieke projecten.

—-

Het radioprogramma Villa VPRO (Radio 1) besteedde op 24 december tussen 15:30 en 16:30 een uur lang aandacht aan Martijn de Waals boek De Stad als Interface. Martijn de Waal maakte zelf twee reportages vanuit Seoul en Songdo in Zuid-Korea over de Smart City. Radiomakers Maartje Duin en Botte Jellema maakten twee reportages over de Social City vanuit Helsinki en de Amsterdamse Indische buurt.

15.32 uur Hoe veranderen digitale media het leven in de stad? Lopen we straks allemaal over straat in een ‘hermetisch afgesloten cocon van bits en bytes’ (M. Benzakour), starend naar onze smartphone? Of ziet de toekomst er anders uit? In de studio filosoof Martijn de Waal. Hij reisde voor onze uitzending af naar Zuid-Korea.

15.35 uur Technologie moet het leven in Seoul zo efficiënt mogelijk maken. In het metrostation hangen foto’s van winkelschappen. Met je smartphone kun je daar een boodschappenlijstje samenstellen, dat vervolgens thuis wordt afgeleverd. Zo verlies je geen kostbare tijd aan winkelen.

15.42 uur Lex Slaghuis is oprichter van Hack de Overheid, een collectief van programmeurs, ondernemers en techneuten die toepassingen ontwikkelen om Nederland slimmer en efficiënter te maken. Is het Koreaanse ideaal ook het zijne?

15.48 uur New Songdo is wereldwijd het voorbeeld van een smart city. De stad is gemodelleerd naar ontwerpen van netwerkbedrijven als Cisco. In de visie van deze bedrijven staan veiligheid, gemak en economisch gewin voorop. Camera’s houden je kind in de speeltuin in de gaten; via een scherm in je woning kun je allerlei diensten bestellen die het leven prettiger moeten maken. Wordt het dat ook?

16.04 uur Tegenhanger van de smart city is volgens Martijn de Waal de social city. Zo’n stad zet technologie in om ontmoetingen tussen mensen te bevorderen.

16.06 uur Helsinki is daarvan een voorbeeld. Sociale media brengen buren met elkaar in contact die elkaar voorheen niet groetten; met de Blindsquare-app komen blinden vaker op straat. Wat betekenen deze ontwikkelingen voor het Helsinki van de toekomst? Een reportage van Maartje Duin.

16.22 uur Radiomaker Botte Jellema woont in de Amsterdamse Indische Buurt. Hij ontdekt de Grindr-app, waarmee homo’s kunnen zien of er gelijkgestemden in hun buurt zijn, en wisselt gereedschap uit via Peerby.

De stad als interface van Martijn de Waal verschijnt voorjaar 2013 bij NaI/010 Uitgevers.

 
Voor meer over het boek, zie: www.destadalsinterface.nl
 

Date
This entry was posted on Sunday, December 23rd, 2012 and is filed under Nieuws, Publicaties.